Alle getoetste uitspraken

Getoetst op 18 oktober 2026

Vijf jaar gevangenisstraf voor dodelijk ongeval door roekeloos rijden onder invloed

Rechtbank Limburg · 14 oktober 2026

Vijf jaar gevangenisstraf voor dodelijk ongeval door roekeloos rijden onder invloed

ECLI:NL:RBLIM:2026:11056

Lees de volledige, originele uitspraak op Rechtspraak.nl ↗

Een 30-jarige man veroorzaakte in Maastricht een verkeersongeval waarbij een vierjarig kind overleed en zijn moeder zwaar gewond raakte. Hij reed ongeveer 112 km per uur waar 50 km per uur was toegestaan en had een alcoholgehalte van 1,80 promille. De rechtbank merkt zijn rijgedrag aan als roekeloosheid, de zwaarste vorm van schuld bij een verkeersongeval. Hij krijgt vijf jaar gevangenisstraf en mag vijf jaar geen motorrijtuigen besturen. Dit is gelijk aan de eis van het Openbaar Ministerie.

Bewezen feiten en de wet

Door roekeloos rijden onder invloed een verkeersongeval veroorzaken waarbij een kind wordt gedood en zijn moeder zwaar lichamelijk letsel oploopt. De rechtbank behandelt dit als één strafbaar feit.

9 jaar gevangenisstraf (108 maanden): 6 jaar wegens roekeloosheid met dodelijke afloop, verhoogd met de helft wegens rijden onder invloed.

Artikel 6 WVW 1994, in samenhang met artikel 175 lid 1 onder a, lid 2 en lid 3 en artikel 8 lid 2 onder b WVW 1994. Artikel 5a WVW 1994 is betrokken bij de vaststelling van roekeloosheid.

Voor het veroorzaken van een dodelijk verkeersongeval door schuld geldt volgens artikel 175 lid 1 WVW 1994 een maximum van 36 maanden. Bij roekeloosheid wordt dit op grond van lid 2 verdubbeld tot 72 maanden. Het bewezen rijden onder invloed verhoogt dit maximum volgens lid 3 met de helft: 72 + 36 = 108 maanden. De rechtbank verklaart één strafbaar feit bewezen, met twee slachtoffers. Daarom worden geen afzonderlijke maxima opgeteld en is de samenloopverhoging van artikel 57 Sr niet van toepassing. Er is geen grond voor een wettelijke recidiveverhoging vastgesteld. De rijontzegging staat los van het gevangenisstrafmaximum.

Weegt zwaarder

  • De verdachte reed na alcoholgebruik ongeveer 112 km per uur in een woonwijk waar maximaal 50 km per uur was toegestaan.
  • Hij nam met zijn roekeloze rijgedrag onaanvaardbare risico’s, waardoor een vierjarig kind overleed.
  • De moeder liep fors letsel op en heeft nog steeds fysieke klachten en beperkingen; het is onzeker of die blijvend zijn.
  • Het overlijden heeft voor de ouders tragische en onomkeerbare gevolgen. Ook in de woonwijk heeft het ongeval diepe indruk gemaakt.
  • De rechtbank vindt het moeilijk te begrijpen dat de verdachte zonder enige reden na meerdere glazen bier ging rijden en daarbij veel te hard reed.
  • De rechtbank vindt het extra zorgelijk dat de verdachte zelf dacht dat hij niet te hard reed.
  • De rechtbank vindt zijn verklaring dat hij eerder vaker onder invloed reed zorgelijk en onderkent dat hij hulp en behandeling nodig heeft.

Weegt lichter

  • De rechtbank heeft de indruk gekregen dat de verdachte inziet hoe verkeerd zijn handelen was en dat hij zelf gebukt gaat onder de gevolgen.
  • De verdachte is niet eerder voor dit soort feiten met justitie in aanraking gekomen.

De persoon

De verdachte is een 30-jarige man. Hij zou na een burn-out weer gaan werken en ging naar eigen zeggen alcohol drinken om dat te vieren, nadat hij twee maanden was gestopt. Hij heeft een beperkt strafrechtelijk verleden. De reclassering ziet zonder behandeling een risico op herhaling en adviseert begeleiding en behandeling voor verslavingsproblemen en/of psychische problemen. De rechtbank erkent de behandelbehoefte, maar vindt dat behandeling ook tijdens detentie of bij een eventuele voorwaardelijke invrijheidstelling kan plaatsvinden.

Oriëntatiepunten rechtspraak

De rechtbank noemt geen LOVS-oriëntatiepunten en gebruikt geen concreet LOVS-uitgangspunt voor de strafmaat. De algemene oriëntatiepunten voor artikel 6 WVW geven geen afzonderlijk uitgangspunt voor roekeloosheid.

Samenvatting van de toetsing

Onder het wettelijk maximum. Opgelegd: Vijf jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest, en vijf jaar ontzegging van de rijbevoegdheid. — het wettelijk maximum is 9 jaar.

Waarom de rechter tot deze strafmaat kwam

De opgelegde gevangenisstraf van 60 maanden ligt onder het wettelijke maximum van 108 maanden. Dat maximum is een bovengrens en schrijft niet voor welke straf in deze zaak moet volgen. De rechtbank benadrukt vooral het roekeloze rijden onder invloed, de dood van het kind en de ernstige, mogelijk blijvende gevolgen voor zijn moeder. Zij houdt ook rekening met het inzicht van de verdachte in zijn handelen, zijn eigen lijden onder de gevolgen en het ontbreken van eerdere soortgelijke feiten. De behoefte aan behandeling leidt niet tot een voorwaardelijk strafdeel, omdat behandeling volgens de rechtbank ook tijdens detentie of na voorwaardelijke vrijlating mogelijk is. Met de rijontzegging wil de rechtbank zowel de verdachte doordringen van het gevaar als andere weggebruikers beschermen.

Broncitaten bij de drie afwegingen
Strafdoelen
Hiermee wordt niet alleen beoogd de verdachte te doordringen van het feit dat zijn rijgedrag buitengewoon onveilig was voor de medeweggebruikers, maar ook om weggebruikers voor langere tijd te beschermen tegen dit rijgedrag.
Proportionaliteit
Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.
Persoonlijke omstandigheden
De rechtbank heeft ter terechtzitting wel de indruk gekregen dat de verdachte het laakbare van zijn handelen inziet en dat hij ook zelf gebukt gaat onder de gevolgen.

De weegschaal

Onder het wettelijk maximum
Wettelijk maximum9 jaar
Eis van het OM5 jaar
Opgelegde vrijheidsstraf5 jaar

Opgelegd: Vijf jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest, en vijf jaar ontzegging van de rijbevoegdheid.

Ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor 60 maanden. De tijd dat het rijbewijs al was ingevorderd of ingehouden, wordt hiervan afgetrokken.

Eis OM: Vijf jaar gevangenisstraf en vijf jaar ontzegging van de rijbevoegdheid.

Deze uitleg is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Lees bij twijfel altijd de volledige uitspraak.

Lees de volledige, originele uitspraak op Rechtspraak.nl ↗