Alle getoetste uitspraken

Getoetst op 18 oktober 2026

12 maanden gevangenisstraf voor invoer van 30 kilo hennep en bezit van een vals identiteitsbewijs

Rechtbank Den Haag · 2 september 2026

12 maanden gevangenisstraf voor invoer van 30 kilo hennep en bezit van een vals identiteitsbewijs

ECLI:NL:RBDHA:2026:24608

Lees de volledige, originele uitspraak op Rechtspraak.nl ↗

De verdachte heeft samen met anderen in twee postpakketten in totaal 30 kilo hennep Nederland ingevoerd. Ook had hij bewust een vals Pools identiteitsbewijs in bezit, met zijn foto en de naam van iemand anders. De rechtbank legt 12 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf op, met aftrek van het voorarrest. Het OM had 15 maanden geëist.

Bewezen feiten en de wet

Samen met anderen opzettelijk hennep invoeren: 16 kilo op 10 februari 2026 en 14 kilo op 11 februari 2026.

6 jaar gevangenisstraf (72 maanden) per invoer. Beide hoeveelheden gelden wettelijk als een grote hoeveelheid, waarvoor het verhoogde maximum van artikel 11 lid 5 Opiumwet geldt.

Artikel 3 onder A en artikel 11 leden 4 en 5 Opiumwet, in samenhang met artikel 47 Wetboek van Strafrecht.

Een vals Pools identiteitsbewijs voorhanden hebben, terwijl de verdachte wist dat het vals was.

6 jaar gevangenisstraf (72 maanden).

Artikel 231 lid 2, in samenhang met lid 1, Wetboek van Strafrecht.

Voor elk van de twee bewezen invoeren van een grote hoeveelheid hennep geldt maximaal 72 maanden gevangenisstraf. Voor het bezit van het valse identiteitsbewijs geldt eveneens maximaal 72 maanden. Bij meerdere afzonderlijke misdrijven beperkt artikel 57 Sr de totale gevangenisstraf tot het hoogste maximum plus een derde, en nooit meer dan de som van de afzonderlijke maxima. Dat geeft hier 72 + 24 = 96 maanden; dit is lager dan de som van 216 maanden. Medeplegen verhoogt het maximum niet. Er is geen grond voor een verhoging wegens recidive: de rechtbank vermeldt dat de verdachte niet eerder voor soortgelijke feiten is veroordeeld.

Weegt zwaarder

  • De verdachte heeft samen met een ander een forse hoeveelheid hennep ingevoerd. De rechtbank rekent hem dit zwaar aan.
  • De invoer bevordert de drugshandel. Invoerders kunnen medeverantwoordelijk worden gehouden voor de nadelige effecten van de handel in en het gebruik van drugs.
  • Met drugshandel zijn aanzienlijke financiële belangen en grote winsten gemoeid; deze handel gaat niet zelden samen met andere criminaliteit.
  • De rechtbank weegt uitdrukkelijk in het nadeel van de verdachte mee dat reguliere en legale bezorgkanalen zijn misbruikt. Daardoor groeit het risico dat deze voorzieningen onderdeel worden van de criminele infrastructuur.
  • Door het bezit van een vals reisdocument heeft de verdachte het vertrouwen geschonden dat mensen in zulke documenten moeten kunnen stellen.

Weegt lichter

  • De verdachte is niet eerder veroordeeld voor soortgelijke feiten.
  • De reclassering ziet geen risicofactoren of hulpvragen en vindt reclasseringstoezicht niet nodig.
  • Volgens het reclasseringsadvies en de rapportage van Forensisch Maatwerk lijkt de verdachte zijn leven verder op orde te hebben.

De persoon

De verdachte is geboren in 1994 en zat bij de uitspraak in voorlopige hechtenis. Hij is niet eerder veroordeeld voor soortgelijke feiten. De geraadpleegde rapportages wijzen erop dat hij zijn leven verder op orde heeft; de reclassering ziet geen noodzaak voor toezicht.

Oriëntatiepunten rechtspraak

De rechtbank heeft gelet op de landelijke LOVS-oriëntatiepunten voor straftoemeting en op straffen in soortgelijke zaken. Zij noemt geen concreet oriëntatiepunt of bijbehorende strafduur.

Samenvatting van de toetsing

Ver onder het wettelijk maximum. Opgelegd: 12 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf, met aftrek van de tijd in voorarrest. — het wettelijk maximum is 8 jaar.

Waarom de rechter tot deze strafmaat kwam

De opgelegde 12 maanden liggen ver onder het gezamenlijke wettelijke maximum van 96 maanden. Dat maximum is een wettelijke bovengrens en geen gebruikelijke straf voor iedere zaak. De rechtbank vindt een aanzienlijke onvoorwaardelijke gevangenisstraf nodig vanwege de grote hoeveelheid hennep, het misbruik van legale bezorgkanalen en het valse identiteitsbewijs. Daartegenover staan het ontbreken van eerdere soortgelijke veroordelingen en de gunstige informatie over het verdere leven van de verdachte. De rechtbank betrekt ook de LOVS-oriëntatiepunten en vergelijkbare zaken, maar legt niet afzonderlijk uit waarom zij drie maanden onder de eis van het OM blijft.

Broncitaten bij de drie afwegingen
Strafdoelen
Geen expliciet broncitaat vastgesteld; dit is geen oordeel over de straf.
Proportionaliteit
Gelet op wat hiervoor is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat niet kan worden volstaan met een lichtere of andere sanctie dan een straf die onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming van aanzienlijke duur met zich brengt.
Persoonlijke omstandigheden
Daarnaast heeft de rechtbank kennisgenomen van de door de verdediging ingebrachte rapportage van Forensisch Maatwerk. Hieruit blijkt, net als uit het reclasseringsadvies, dat de verdachte zijn leven, voor het overige, op orde lijkt te hebben.

De weegschaal

Ver onder het wettelijk maximum
Wettelijk maximum8 jaar
Eis van het OM15 maanden
Opgelegde vrijheidsstraf1 jaar

Opgelegd: 12 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf, met aftrek van de tijd in voorarrest.

Het in beslag genomen geldbedrag van € 2.870 wordt teruggegeven aan de verdachte. Dit is geen straf.

Eis OM: 15 maanden gevangenisstraf, met aftrek van het voorarrest.

Deze uitleg is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Lees bij twijfel altijd de volledige uitspraak.

Lees de volledige, originele uitspraak op Rechtspraak.nl ↗