Rechtbank Amsterdam · 1 juli 2026
21 maanden gevangenisstraf voor oplichting met goudbeleggingen en deelname aan een criminele organisatie
ECLI:NL:RBAMS:2026:6643
Lees de volledige, originele uitspraak op Rechtspraak.nl ↗De rechtbank veroordeelt een vrouw voor het samen met anderen oplichten van achttien genoemde goudkopers en deelname aan een criminele organisatie. Kopers werd verteld dat hun geld werd geïnvesteerd in goudwinning in Tanzania en dat zij na tien maanden goud zouden ontvangen. In werkelijkheid werd het geld vooral gebruikt voor commissies en om goud voor eerdere kopers te betalen. De vrouw verzorgde de financiële administratie en betalingen en werd mede-eigenaar van een betrokken onderneming. Zij krijgt 21 maanden gevangenisstraf, twee beroepsverboden van zes jaar en openbaarmaking van het vonnis met haar persoonsgegevens zodra de veroordeling definitief is.
Bewezen feiten en de wet
Samen met anderen herhaaldelijk oplichten van achttien genoemde kopers van Forward Gold Sales, van 1 september 2016 tot 1 augustus 2018.
48 maanden gevangenisstraf per oplichting. Samen plegen verhoogt dit maximum niet.
Artikel 326 lid 1 Sr in samenhang met artikel 47 Sr; artikel 57 Sr voor de herhaaldelijk gepleegde oplichtingen.
Deelnemen aan een organisatie die tot doel had oplichtingen te plegen, van 1 september 2016 tot en met 2 april 2019.
72 maanden gevangenisstraf.
Artikel 140 lid 1 Sr, zoals geldend tijdens de bewezenverklaarde periode.
Voor oplichting gold een maximum van 48 maanden en voor deelname aan een criminele organisatie een maximum van 72 maanden. Bij meerdere afzonderlijke misdrijven beperkt artikel 57 Sr de gezamenlijke gevangenisstraf tot het hoogste maximum plus een derde, en nooit meer dan de som van de afzonderlijke maxima. Hier is dat 72 + 24 = 96 maanden. De som van de maxima ligt daarboven, ook zonder alle afzonderlijke oplichtingen mee te tellen. De herhaling leidt niet tot telkens een nieuwe verhoging met een derde. Er geldt geen recidiveverhoging: verdachte was niet eerder strafrechtelijk veroordeeld. Uitgangspunt is de wet tijdens de bewezenverklaarde perioden, zoals ook de rechtbank vermeldt.
Weegt zwaarder
- De oplichting had een grootschalig karakter. De rechtbank betrekt ook andere gedupeerde kopers uit het dossier en gaat uit van een benadelingsbedrag van tientallen miljoenen euro’s.
- De verkoop werd op een ogenschijnlijk professionele en betrouwbare wijze ingericht met ondernemingen en stichtingen.
- Verdachten gingen door met verkopen terwijl zij wisten dat veel meer goud werd verkocht dan na tien maanden kon worden geleverd.
- De schade en impact voor slachtoffers waren in sommige gevallen enorm; onder meer pensioen- en spaargelden gingen verloren.
- Naast het vertrouwen van individuele kopers is ook het vertrouwen in de financiële markt geschaad.
- Verdachten werkten gedurende een lange periode op professionele wijze samen in een criminele organisatie.
- Verdachte had uitgebreid zicht op de geldstromen en begreep die door haar specifieke deskundigheid. Ondanks die kennis werd zij mede-eigenaar van een onderneming die op dezelfde manier werkte.
- De rechtbank houdt rekening met het persoonlijke voordeel van ongeveer € 400.000 dat verdachte volgens de FIOD aan de feiten overhield.
Weegt lichter
- Verdachte stapte later in de organisatie; de rechtbank houdt in haar voordeel rekening met haar kortere pleegperiode.
- Verdachte was niet eerder veroordeeld door de strafrechter. Er is daarom geen aanleiding haar wegens herhaling zwaarder te straffen.
- De redelijke termijn voor berechting is volgens de rechtbank met minstens een jaar overschreden. De rechtbank noemt een strafkorting van 10% en verlaagt de passend geachte gevangenisstraf van 24 naar 21 maanden.
De persoon
Verdachte is geboren in 1984. Zij verrichtte vanaf september 2016 administratieve en financiële werkzaamheden voor een betrokken agentschap en werd later mede-eigenaar van een tweede agentschap. De rechtbank benadrukt haar deskundigheid en inzicht in de geldstromen. Zij heeft geen eerdere strafrechtelijke veroordelingen. De verdediging noemt zorgen, slapeloosheid en tegenslagen in haar privéleven, maar de rechtbank benoemt die niet afzonderlijk als reden voor strafvermindering.
Oriëntatiepunten rechtspraak
De rechtbank gebruikt de LOVS-oriëntatiepunten voor fraude: bij een benadelingsbedrag vanaf € 1 miljoen begint het uitgangspunt bij twee jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Zij betrekt de schade van vele miljoenen euro’s, straffen in vergelijkbare zaken en het persoonlijke voordeel van verdachte. Deze oriëntatiepunten zijn richtlijnen en geen wettelijke maxima.
Samenvatting van de toetsing
Ver onder het wettelijk maximum. Opgelegd: 21 maanden geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf, twee beroepsverboden van zes jaar en openbaarmaking van het definitieve vonnis met persoonsgegevens. — het wettelijk maximum is 8 jaar.
Waarom de rechter tot deze strafmaat kwam
De opgelegde 21 maanden liggen ruim onder het gezamenlijke wettelijke maximum van 96 maanden. Het maximum is een wettelijke bovengrens; de rechtbank bepaalt de concrete straf aan de hand van de ernst, de rol van verdachte en de omstandigheden. De omvangrijke schade, de professionele samenwerking en haar kennis van de geldstromen wegen zwaar, terwijl haar kortere betrokkenheid in haar voordeel telt en eerdere veroordelingen ontbreken. Met de fraude-oriëntatiepunten en vergelijkbare zaken als houvast vindt de rechtbank 24 maanden onvoorwaardelijk passend, maar zij verlaagt dit wegens de te lange procesduur naar 21 maanden. Anders dan het OM legt zij geen voorwaardelijk deel op; de beroepsverboden en openbaarmaking dienen volgens de rechtbank ter bescherming van de samenleving.
Broncitaten bij de drie afwegingen
- Strafdoelen
Daarmee wordt de samenleving beschermd tegen frauduleus handelen door [verdachte] .
- Proportionaliteit
De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken.
- Persoonlijke omstandigheden
Hieruit blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld door de strafrechter, zodat er geen aanleiding bestaat om verdachte wegens recidive zwaarder te straffen.
De weegschaal
Ver onder het wettelijk maximumOpgelegd: 21 maanden geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf, twee beroepsverboden van zes jaar en openbaarmaking van het definitieve vonnis met persoonsgegevens.
Zes jaar verbod op het beroepsmatig aanbieden van beleggingsproducten of andere financiële producten gericht op investeringen door deelnemers. Daarnaast zes jaar verbod om bestuurder te zijn van ondernemingen die zulke producten aanbieden. Na het onherroepelijk worden moet het vonnis op rechtspraak.nl worden gepubliceerd zonder de persoonsgegevens van verdachte te anonimiseren of te pseudonimiseren.
Eis OM: 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar.
Deze uitleg is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Lees bij twijfel altijd de volledige uitspraak.
Lees de volledige, originele uitspraak op Rechtspraak.nl ↗